Antwoorden op vragen

 

Je bent nu hier: HBO SXiLLs - Antwoorden op vragen

NEE heb je, JA kun je krijgen

De onderstaande vragen zijn ons al gesteld, maar we helpen ook graag met jouw vragen over leren leren! Gebruik het contact formulier onderaan de pagina om je vraag te stellen.

Na mijn mbo-opleiding Onderwijs Assistent wil ik graag verder studeren, maar ik weet nog niet wat.

Wel weet ik dat het iets met kinderen moet zijn. In een ziekenhuis, zieke kinderen bezig houden en plezier bezorgen lijkt me ook wel wat.

Mogelijke aanpak:

  • Bedenk wat je zo leuk vind aan het werken met kinderen: bijvoorbeeld hun spontaniteit en eerlijkheid trekt je aan.
  • Wat voor soort dingen doe je graag met kinderen? Wat wil je voor hen kunnen betekenen?
  • In wat voor soort omstandigheden kan dat? Denk aan scholen, kinderopvang, jeugdzorg, jeugdgevangenis, gehandicapte of zieke kinderen, toerisme en evenementen, begeleiding van kinderen met gedrag, spraak of leerproblemen.
  • Denk je goed om te kunnen gaan met het feit enkele van die kinderen misschien wel zo ziek zijn dat ze overlijden?

Tip: kijk in dit document voor nog meer tips om uit te vinden wat je precies wilt.
Zoek dan wat voor opleidingen in die richting bestaan.

Ik ben te nadrukkelijk aanwezig op vergaderingen

Denk eerst na over de mogelijke oorzaken:

  • Ben je een geboren leider? Mensen die dat niet zijn laten dan snel het initiatief bij degene die zij wel als leider ervaren. Doe een teamrollentest, bijvoorbeeld die van Belbin.
  • Ben je extrovert en neem je snel het woord?
  • Je hoeft geen eikel zijn om aan een boom te hangen. Heb je veel (kleine) conflicten met teamleden omdat zij zich aan je dominante gedrag irriteren?

Mogelijke aanpak:

  • Met de teamleden afspreken dat je de leidersrol afwisselend op je neemt.
  • Verdeel taken goed en geeft de taakverantwoordelijke als eerste het woord: 'kun je verslag doen van de status van  ...'
  • Geef de ander wat meer ruimte. Voordat je met je eigen ideeën komt, vraag je de anderen wat zij ervan vinden.
  • Sloop 'ja maar, ...' uit je taalgebruik en vervang het door zoiets als: 'leuk bedacht / zo had ik er nog niet tegen aangekeken / Ik vraag me af hoe we kunnen bepalen wat in dit geval het beste is om te doen.

Tenslotte: als je teamleden zich daar echt niet aan irriteren, de sfeer goed is en het werk vlot verloopt, is het ook niet zo erg.

Hoe kan ik op vergaderingen meer van me laten horen?

Ben je van nature introvert? Kijk je altijd liever eerst de kat uit de boom? Zit je hoofd vol ideeën, maar kun je ze minder goed verwoorden? Vind je het moeilijk er "tussen" te komen? Dan is het vrij natuurlijk dat je niet snel het woord neemt. Probeer dan een of meer van de volgende tips:

  • Benoem meteen tijdens de eerste vergadering dat je moeite hebt met de ideeën/standpunten/inbreng onder woorden te brengen of het woord te nemen. Je medestudenten kunnen hier dan rekening mee houden en je ook de ruimte geven door af en toe te vragen wat jij ervan vindt.
  • Oefen met het woord nemen. Begin met eenvoudige dingen, zoals kort aangeven met wie je het wel of niet eens bent, een kleine aanvulling zoals een aandachtspunt of agendapunt voor de volgende keer. Wat ook goed helpt is het stapje voor stapje doen. In de eerste vergadering minstens een keer wat zeggen, de volgende vergadering wat vaker. Misschien de volgende ook een agendapunt aandragen.
  • Zitten er veel "mannetjesputters": maak dat dan bespreekbaar. Bijvoorbeeld: ik merk dat jullie erg enthousiast zijn en veel het woord nemen. Daardoor heb ik het gevoel dat ik moeite heb er tussen te komen. Ik zou graag wat meer ruimte krijgen.

In mijn project werk ik samen met andere disciplines, ieder met een andere visie. Hoe kan ik het beste onderhandelen?

In dit geval milieukundestudenten die samenwerken met studenten planologie. Samen moeten we een tot een gebiedsvisie komen, waarbij we dus beiden input moeten leveren en van elkaars kennis gebruik moeten maken.  Milieukundigen willen van alles in het gebied, maar planologen ook. Geen van beiden willen we inleveren op onze doelstellingen, met als gevolg een stagnatie van de onderhandelingen. Een aantal oplossingen op een rij:

  • Besef goed dat jullie van elkaar afhankelijk zijn in de onderhandeling, jullie hebben elkaar nodig om ergens te komen. Als de ander niet wil meewerken kan je hem daaraan herinneren.
  • Toon altijd begrip voor de wensen van de ander , ook al ben je het er niet mee eens en vraag ze om mee te werken aan een voor alle partijen bevredigende oplossing.
  • Wees bereid om concessies te doen, dus niet alleen nemen maar ook geven. Maar, ga niet meteen over op het doen van concessies.
  • Doe pas water bij de wijn als je merkt dat de andere partij ook bereid is toegeeflijk te zijn.
  • Laat zelf duidelijk merken dat je altijd en in alle redelijkheid ook bereid bent tot concessies.
  • Wees flexibel!
  • Werkt dat allemaal niet neem dan een stapje terug en bekijk de zaak vanuit een andere invalshoek. Begin bijvoorbeeld bij jullie gezamenlijk belang (in dit geval dus een gebiedsvisie) en kijk van daaruit naar mogelijke knelpunten en oplossingen.
  • Kijk nog eens verder bij www.onderhandelen.nl. Daar staan ook nog meer tips&tricks en ook testjes: hoe goed ben jij in onderhandelen etc